Bij een stapje naar voren is de klif voor vrouwen vaak wel erg dichtbij

Komende dinsdag wordt het lot van het Verenigd Koninkrijk beslist: dan stemt het Lagerhuis over de Brexitdeal van premier Theresa May. Al de hele week is May bezig om haar plan te verdedigen en het Lagerhuis voor zich te winnen. Een taak die menig journalistiek medium bestempelt als ‘schier onmogelijk’. De vraag is niet alleen wat er met het Verenigd Koninkrijk zal gebeuren als de parlementariërs dinsdag niet akkoord gaan met de Brexit-deal, maar ook wat het lot van Theresa May zal zijn. Gaat zij de Brexit overleven?

Bij het aantreden van May maakte mijn feministische hart een bescheiden sprongetje. Terwijl we in Nederland nog altijd wachten op de eerste vrouwelijke premier, kreeg in het Verenigd Koninkrijk voor de tweede keer in de geschiedenis een vrouw de macht over het land. Weliswaar een conservatieve politica die wat idealen betreft ver van me afstaat, maar toch: een vrouw. Waar ik bij haar aanstelling echter niet bij stilstond, is dat timing alles is. May had geen ongelukkiger moment kunnen kiezen. De uitkomst van het Brexitreferendum, haar eigen standpunt als ‘remainer’, de verdeeldheid in haar partij en tot slot de verdeeldheid in het land; May erfde een land in crisis. Heeft ze eigenlijk wel een kans gehad? Of was haar premierschap van meet af aan gedoemd te mislukken?

Plafond of toch klif

Het glazen plafond – de veronderstelde barrière die ervoor kan zorgen dat vrouwen niet of minder makkelijk kunnen doorstoten naar leidinggevende posities – is een bekend fenomeen. Minder bekend is de term ‘glazen klif’, in 2005 gemunt door de Britse onderzoekers Michelle K. Ryan en Alexander Haslam van de universiteit van Exeter. Zij onderzochten de prestaties van talloze bedrijven voor en na de benoeming van nieuwe bestuursleden en ontdekten dat bedrijven die in de voorgaande vijf maanden consistent slechte resultaten boekten, eerder geneigd waren vrouwen in hun raden van bestuur aan te stellen. De conclusie van de wetenschappers: vrouwen krijgen eerder een leiderschapsrol toegewezen wanneer het slecht gaat met het bedrijf. De kans op falen is daardoor bij vrouwelijke leiders groter, blijkt uit de cijfers van de wetenschappers. In een recent artikel in The Times schrijven Ryan en Haslam wat daarvan de achterliggende reden is: ‘De glazen klif is deels ontstaan door het stereotype idee dat vrouwen over de eigenschappen beschikken die nodig zijn in tijden van crisis, en deels door de bereidheid om vrouwen bloot te stellen aan het risico van mislukken.’ Andere onderzoeken bieden steun voor de bevindingen van de wetenschappers. Zo blijkt uit een analyse van de Fortune 500-bedrijven door Utah State University dat 42 procent van de vrouwelijke ceo’s hun functie ging bekleden in een crisisperiode. Bij mannelijke ceo’s was dat 22 procent. Zou deze theorie ook op Theresa May van toepassing zijn?

Het onderzoek van Ryan en Haslam was ingegeven door een artikel in diezelfde krant uit 2003. De auteur daarvan, Elizabeth Judge, vroeg zich af of het toenemend aantal vrouwen in de raden van bestuur van de Britse FTSE 100-bedrijven ‘behulpzaam of een belemmering’ was. Uit haar analyse kwam naar voren dat bedrijven met de meeste vrouwen in het bestuur het slechtst presteren. ‘De triomfantelijke opmars van vrouwen in bestuurskamers van het land heeft (…) grote schade aangericht aan bedrijven’, schreef ze. Judge suggereerde daarmee een causaal verband tussen vrouwelijk leiderschap en slecht presterende bedrijven. Ze concludeerde dat vrouwen ‘een grote ravage’ hadden aangericht en dat het Britse bedrijfsleven daarom ‘misschien beter af zou zijn zonder vrouwen in de raden van bestuur’.

Ryan en Haslam besloten de conclusie nader te onderzoeken en het verschil tussen correlatie en causaliteit te corrigeren. De auteur van het artikel had volgens hen genegeerd dat de betreffende bedrijven al met problemen kampten voordat de vrouwen werden aangesteld.

Schoolvoorbeeld

Sinds de term ‘glazen klif’ in het leven is geroepen, groeit de lijst van vrouwen die hieraan ten onder zouden zijn gegaan. Deze vrouwen worden volgens opiniemakers en deskundigen in tijden van crisis aangetrokken, en vervolgens harder beoordeeld dan hun mannelijke voorgangers. Een schoolvoorbeeld is Marissa Mayer, voormalig ceo van Yahoo. Mayers aanstelling werd door Silicon Valley gezien als hét bewijs van vooruitgang en vrouwvriendelijkheid in de doorgaans door mannen gedomineerde techwereld. Yahoo kreeg niet alleen een vrouwelijke ceo, Mayer was ook nog eens zeven maanden zwanger van haar eerste kind. Het bedrijf plukte de ‘briljante computerwetenschapper’ bij Google weg om Yahoo weer gezond te maken. Yahoo had, eufemistisch gesteld, moeite om de concurrentie van Google en Facebook bij te benen. Al bij haar aanstelling werd Mayer gewaarschuwd voor de glazen klif. Haar voorganger had meer dan twaalfduizend medewerkers moeten ontslaan en het bedrijf stond op imploderen. Na haar ontslag – het ging inmiddels zo slecht met Yahoo dat het niet meer op eigen benen kon staan – werd het bedrijf overgenomen door Verizon.

Een andere naam die in verband wordt gebracht met de glazen klif is Jill Abramson. Zij werd in 2011 aangesteld als de eerste vrouwelijke hoofdredacteur van The New York Times. Op dat moment had de krant te maken met teruglopende advertentie- en verkoopinkomsten. Zowel lezers als adverteerders hadden hun weg naar het web gevonden, waardoor de krant zich genoodzaakt zag de budgetten aanzienlijk te verkleinen en redacteuren te ontslaan. Abramson kreeg de lastige taak de papieren krant het digitale informatietijdperk in te loodsen. Drie jaar later moest ze toch het veld ruimen.

Abramsons ontslag zou vooral aan haar manier van leidinggeven hebben gelegen. Die zou door stafmedewerkers als demoraliserend zijn ervaren, zo komt naar voren in een artikel over alle tumult bij The New York Times van Politico. Uit andere publicaties kwam naar voren dat het bestuur haar stijl te opdringerig vond. Guardian-columnist Emily Bell betoogt in haar artikel echter dat Abramson op de werkvloer te maken had met seksisme. Volgens Bell zouden mannelijke hoofdredacteuren van The New York Times met vervelender gedrag zijn weggekomen, simpelweg omdat zij geen hinder ondervonden van vooroordelen over hoe een vrouw zich hoort te gedragen. De officiële lezing van The New York Times over het ontslag is een verschil in visie tussen Abramson en de uitgever over het aantrekken van een nieuwe eindredacteur.

Soms wordt de glazen klif ten onrechte als (enige) verklaring voor het ontslag van een vrouw opgeworpen. Abramsons ontslag is illustratief voor de cocktail van problemen waar vrouwen mee te maken kunnen krijgen als ze ze een leidinggevende rol op zich nemen .

Invloed van bevalling

De eerder genoemde Marissa Mayer kreeg een hausse aan kritiek te verduren na de geboorte van haar kinderen. ‘Mayers beslissing om een zeer kort zwangerschapsverlof te nemen na de geboorte van haar eerste kind in 2012, en opnieuw na haar tweeling in 2015, leidde tot controverse’, schreef The Wall Street Journal, daaraan toevoegend dat een man die kort na de geboorte van zijn kind weer aan het werk gaat niet aan dezelfde kritiek blootstaat. Het zijn ook zulke factoren die het lastig maken sommige gevallen eenduidig als voorbeeld van de ‘glazen klif’ te betitelen. En er zijn natuurlijk ook talloze vrouwen, en mannen, die simpelweg niet goed functioneren in een leidinggevende functie.

Wie denkt dat de glazen klif en alle aanpalende problemen voor vrouwelijke leiders een typisch Amerikaans of Brits fenomeen is, heeft het mis. Ook Nederlandse vrouwen in topposities hebben het soms extra lastig.

Neem het vertrek van Olga Zoutendijk bij ABN Amro. De president-commissaris werd in 2014 benoemd als commissaris en schoof in 2016 door naar de plek van voorzitter. Dit jaar besloot ze geen tweede termijn te willen. Wie de krantenarchieven erop naslaat zal vooral veel over haar manier van leidinggeven tegenkomen. De wijze waarop ze de opvolgingsprocedure van Gerrit Zalm aanpakte zou enerzijds te warrig zijn geweest en anderzijds te voortvarend. Geruchten dat Zoutendijk zelf het bestuursvoorzitterschap zou ambiëren – iets wat ze zelf altijd heeft ontkend – maakten haar er niet populairder op. Zoutendijk zou te eigengereid en ambitieus zijn geweest. Na haar vertrek werd ze, in de woorden van Peter de Waard in deze krant, ‘als kop van Jut van het old boys network door het slijk gehaald’.  Haar werd gebrek aan ervaring als bestuurder of commissaris verweten, ze zou een lichtgewicht zijn en door haar langdurige verblijf in het buitenland geen voeling met Nederland hebben. Volgens een ander zou Zoutendijk de rollen van raad van bestuur en raad van commissarissen met elkaar verward hebben.

In werkelijkheid was ABN Amro na de kredietcrisis opgesplitst en genationaliseerd. Nadat het zeven jaar volledig een overheidsbank was geweest, met nota bene een ex-minister van Financiën (Gerrit Zalm) aan het hoofd, werden de teugels nu iets gevierd. Zoutendijk, net aangetreden als commissaris, kreeg te maken met een bank die voor het eerst sinds de crisis weer iets van haar vrijheid zou terugkrijgen en gedeeltelijk de beurs op zou gaan. Het staatsbelang werd teruggebracht, maar dat neemt niet weg dat de overheid nog steeds sterke ideeën had over wie de opvolger van Gerrit Zalm zou moeten worden. De commissarissen hoopten op een echte bankier, ‘maar Den Haag wilde iemand met een maatschappelijke antenne’, aldus RTL Z-journalist Mathijs Smit. De eigengereide Zoutendijk had sterke ideeën over waar het met ABN Amro naartoe moest, en werd daarvoor afgestraft.

Leiderschapskansen

Uit de genoemde analyse van de Fortune 500-bedrijven over een periode van vijftien jaar blijkt dat vrouwen minder vrijheid krijgen dan mannen om hun bedrijf te leiden en uit een crisis of moeilijke periode te loodsen. Ook blijkt uit dit onderzoek dat vrouwen zelden een vrouw opvolgen. In slechts 4 van de 608 transities bij deze  bedrijven was dat het geval. Dat maakt de glazen klif niet alleen een probleem van de vrouwen die eraf worden geduwd, maar van alle vrouwen die door het glazen plafond proberen te beuken. Omdat vrouwen aan de top nog steeds een zeldzaam ras zijn, wordt het ‘falen’ van één vrouw gezien als een collectief falen. Ryan en Haslam concluderen: ‘Wat misschien belangrijker is dan de carrières van de individuele vrouwen die zich op de glazen kliffen bevinden, zijn de grotere gevolgen voor ons begrip van vrouwen en leiderschap. De lessen die we zouden kunnen leren is dat vrouwen fundamenteel ongeschikt zijn voor leiderschap (…). Volgens onze gegevens zijn geen van deze dingen waar en is het de hoogste tijd dan we niet alleen het aantal vrouwen in leidinggevende posities verbeteren, maar ook de kwaliteit van de leiderschapskansen die ze krijgen.’

Wat in het bedrijfsleven gebeurt, zien we ook terug in de politiek, met Theresa May als sluimerend voorbeeld. Dichter bij huis is oud-SP-leider Agnes Kant een goed voorbeeld. Kant moest SP-boegbeeld Jan Marijnissen opvolgen na zijn vertrek als fractievoorzitter. Kant was de enige kandidaat die de onmogelijke taak op zich durfde te nemen om de SP een post-Marijnissentijdperk in te leiden. Marijnissen stopte weliswaar als fractieleider, maar bleef wél aan als lid van de Tweede Kamer, waar hij zijn macht als SP-patriarch bleef uitoefenen. Hiermee creëerde hij een onmogelijke basis voor Kant.

Terug naar May. Na het opstappen van David Cameron in 2016 hielden mannelijke Brexitvoorstanders zich op de achtergrond; niemand wilde Camerons lastige taak overnemen. Moeder May schoof zichzelf naar voren, zij zou de rotzooi wel opruimen, zij zou het land redden. Ik ben het inhoudelijk niet altijd met haar eens, ook doet de politicus haar werk verre van feilloos. Afgelopen week nog oordeelde een meerderheid van het Lagerhuis dat de regering, met May voorop, het parlement had geminacht. De regering had beloofd het juridisch advies over de Brexit te openbaren, maar kwam daar nu op terug.

Toch hoop ik dat May niet van de glazen klif zal worden geduwd. Dominic Raab, de minister die nota bene zelf verantwoordelijk was voor Brexitzaken, gaf al een voorzetje door op te stappen, evenals andere ministers, onderministers en staatssecretarissen. In de coulissen maken de Tories zich vast op voor een leiderschapswissel, al zullen ze aan May nog een taaie hebben. Wat de uitkomst voor het Verenigd Koninkrijk ook is, ik hoop dat May de geschiedenisboeken in zal gaan als De Onbevreesde, de vrouw die op het moment dat alle mannen wegkeken, de klif der kliffen trotseerde.